Klik hier voor GRATIS advies

Turkse 'pooierboys' komen voor rechter

AMSTERDAM - De rechtbank begint maandag aan de zaak tegen een groep 'pooierboys', die volgens justitie jaren een fors aantal vrouwen in de prostitutie hebben gedwongen in Amsterdam, Utrecht en Den Haag. De zaak duurt weken.

De justitie spreekt liever van 'pooierboys' dan van het wat meer ingeburgerde 'loverboys', omdat die laatste term in de visie van aanklaagster Jolanda de Boer veel te vriendelijk klinkt.

De drie gespierde Turkse Hagenaars die de kern vormen van de groep die een flinke trits vrouwen jaren achter de ramen zou hebben gedwongen op de Wallen, in Utrecht en Den Haag zouden weliswaar lang niet zoveel geweld hebben gebruikt als andere vrouwenhandelaren, maar ze zoudende jonge prostituees wel aanhoudend in hun macht hebben gehad - door ze 'in te palmen', ze bescherming te beloven en van zich afhankelijk te maken, om daarna hun verdiensten af te pakken.

Daarbij zou verdachte Megmet O. hebben gedreigd met geweld tegen de families van slachtoffers. Ook zou hij een vrouw hebben aangezet tot een borstvergroting, waarna hij aanspraak maakte ophet eigendom van 'die tieten', die hij 'er af zou snijden' als ze niet deed wat hij van haar verlangde. Eén slachtoffer was pas veertien toen ze door hem zou zijn gedwongen zich te prostitueren.

Hij zou haar hebben geslagen en geschopt en Haar hebben gedwongen seks met hem en een vriend te hebben. In veel opzichten is Youssef O. de uitzondering onder de verdachten.

Justitie beschouwt de 38-jarige Marokkaanse Amsterdammer als een gewelddadige bruut. Hij zou 'zijn meisjes' zwaar hebben mishandeld en zijn naam op de arm van een slachtoffer hebben laten tatoeëren.

Hij zou prostituees hebben geslagen, geschopt en hebben gedreigd ze 'om te leggen', 'te slachten', dood te schieten en in een meer 'te dompelen', of hun 'hele kankergebit te breken'. Een ander slachtoffer zou hij met een honkbalknuppel een arm hebben gebroken.

O. zou miljoenen aan de vrouwen hebben verdiend, veel meer dan de andere verdachten wordt verweten.

Justitie brengt 28 dossiers in tegen de broers Megmet en Murat O., hun vriend Tarkan D., Youssef O. en twee helpers van de groep, Orhan G. en Engin S. Ook Engin S. zou een veertienjarig meisje hebben misbruikt en andere slachtoffers hebben verkracht, bedreigd en mishandeld.

De meeste slachtoffers van de groep waren tussen de achttien en 25 jaar oud. Het gaat om Nederlandse en buitenlandse vrouwen.

Na een langdurig onderzoek onder codenaam Judo13 arresteerdede politie in november vorig jaar de eerste verdachten. Andere zijn later opgepakt.

Advocaten van enkele verdachten vinden dat justitie de zaak 'heeft opgeblazen in de media'. ''Mijn cliënt en Youssef O. zitten nog vast, maar de rest is alweer door de rechtbank vrijgelaten. Justitie heeft heel hoog ingezet, als betrof het hier een misdaadsyndicaat, maar vanal die verhalen is weinig over,'' zegt raadsman Johan Keizer van Megmet O.

Zijn confrère Michiel Balemans, die Tarkan D. bijstaat, kondigt aan vrijspraak te zullen vragen. ''Al die verhalen die justitie de pers heeft verteld als zouden onze cliënten meisjes via Hyves hebben geronseld en psychologisch volledig van zich afhankelijk hebben gemaakt, zijn verdampt. Justitie is ver, ver, ver over de schreef gegaan,'' vindtBalemans.

''De verhoren van beweerde slachtoffers bij de politie verliepen ook heel anders dan die bij de rechtercommissaris, omdat de politie die vrouwen heel erg stuurde in de richting van slachtofferschap. Dat mijn cliënt vreemd ging is stomvan hem, want dan wordt die vriendin bij de politie boos, maar juridisch is dat hem niet te verwijten.'' (PAUL VUGTS)